Kruidengeneeskunde
Afgezien van deze naam gebruikt men ook die van fytotherapie, afgeleid van de griekse woorden fyton (= plant) en therapeva (= medische verzorging en behandeling). Fytotherapie zou men kunnen zien als de natuurwetenschappelijke benadering van de verouderde kruidengeneeskunde. In de praktijk worden beide namen gebruikt.
Het ontstaan van kruidengeneeskunde
Men zou eigenlijk kunnen stellen dat met het ontstaan van kruidachtige gewassen op de wereld de kruidengeneeskunde geschapen werd. We weten niet beter of men was bezig voor ziekten en klachten kruiden te vergaren, te bereiden en toe te passen.

Digitalis Purpurea (Vingerhoedskruid)
Digitalis Purpurea (Vingerhoedskruid)
In een lange lijst van de voorgangers in de kruidengeneeskunde treffen we velen aan, onder wie Chinese keizers. Het schijnt zo te zijn dat het met name via China, waarin het reeds 3000 jaar voor Christus in zwang was, de kruidengeneeskunde of fytotherapie overgewaaid is naar het Westen. Dit gebeurde via India, Perzië en Egypte. Via de Grieken kwam de kunst van de geneeskunde bij de Romeinen terecht, waar ze aldus, zoals bij de Egyptenaren, gebruikt werd voor mummieficatie en inbalseming.

Hippocrates somde meer dan 250 planten die hij gebruikte op. Een heel bekende kruidkundige is Dioscorides. Hij leefde circa 50 jaar na Christus. Hij beschreef in zijn Materia Medica zo'n 200 tot 300 planten.

Een heel belangrijke Nederlander is Dodoneus, die zijn 'Cruydtboek' in 1554 publiceerde. Hij beschreef daarin zowel vorm als toepassing van vele kruiden. Met de verovering van de nieuwe wereld kwamen ook bij de Indianen (Inca's en Azteken) in gebruik zijnde geneeskrachtige planten over naar Europa.
Wat zijn kruidenmiddelen
In de kruidengeneeskunde kunnen verschillende delen van een plant gebruikt worden: wortel, wortelstok, stengel, blad, bloem, vrucht of zaad. Of weefels zoals schors en hout; of gom en harsen, die na insnijden van de plant als sappen verzameld worden. Vele kleine jaarkruiden worden in hun geheel gebruikt. Voor de therapie kan het verse kruid gebruikt worden.

Hypericum Perforatum (Sint-Janskruid)
Hypericum Perforatum (Sint-Janskruid)
De geneeskrachtige kruiden zijn te verdelen in sterk werkende en milder werkende kruiden. Sterk werkende kruiden die direct op één bepaald orgaan meer of minder intensief inwerken en milder werkende die weliswaar een langzamer, maar toch een herkenbaar effect vertonen.

De kruidengeneeskunde of fytotherapie kent circa 3000 geneeskrachtige planten, maar in de praktijk worden hiervan meestal 200 benut. Een geneeskruid zal het meest effectief werken als het simplex toegediend wordt (enkelvoudige stof). Men dient altijd voorzichtig te zijn met een combinatie van kruiden, in verband met de onderlinge beïnvloeding, en deze slechts voorzichtig toe te passen.

Voor de therapie kan het verse kruid gebruikt worden, vaak in een aftreksel zoals bij het maken van een kop thee of het kruid kan worden gedroogd, gesneden of tot pulver (poeder) geslagen. Men kan kruiden ook als cataplasma (omslag) gebruiken. Ook kan men het in wijn doen en dan spreekt men van medicinale wijn.

Kruidenpreparaten worden veel gebruikt, speciaal bij het bereiden van recepten van kruidengeneeskundigen. Ze bevatten structuren, vaak één deel kruid op vijf delen verdunde alcohol; of vochtextracten die op één gewichtsdeel kruid één volumedeel extract hebben. Van kruiden worden ook volgens recept tabletten, zetpillen, lotions en luchtwegsprays gemaakt. Oogsten kan het best gedurende de bloeiperiode van de plant gebeuren voor bovengrond groeiende delen, of in de herfst van wortels en opslagorganen. Verzamelen gebeurd bij droog weer in de ochtend. De kruiden worden snel in warme lucht gedroogd. Ze worden in lucht- en lichtdichte bakken bewaard om bederf tegen te gaan. Indien grondig gedroogd en zorgvuldig opgeborgen, blijven de meeste kruiden een jaar goed.
De werking van kruiden
Het is erg belangrijk om zeker te zijn van de correcte identificatie van een medicaal kruid. In het geval van vers groeiende kruiden, compleet met bloem, kan de botanische identiteit snel worden vastgesteld met een botanische flora. Veel kruiden worden gestandardiseerd naar hun gehalte aan vluchtige olie, een karakteristiek van de lipbloemigen, zoals bijvoorbeeld de muntplanten. De monografie van ieder middel bevat chrometografische en andere normen om er zeker van te zijn dat het kruid niet alleen op correcte wijze wordt geïdentificeerd, maar ook, dat het na oogsten en bewaren, nog steeds genoeg van het werkzame bestanddeel heeft voor succesvol therapeutisch gebruik.

Kruiden kunnen ook afhankelijk zijn van de aanwezigheid van alkaloïden, stikstofverbindingen, van glycosiden, die grote hoeveelheden suikers bevatten, adstringerende tanninen, harzen, oliën, vetten, koolhydraten, plantenlijm en complexe eiwitten en enzymen. Rijkelijk komen in planten vitaminen voor en sporen die de gezondheid bevorderen: zoals zink in het kleine hoefblad (Tussilago Farfara). Door de toepassing van de farmacologie, welke wetenschap zich bezighoudt met de inwerking van stoffen op de diverse organen van het lichaam, weet men nu veel over hoe kruidenbestanddelen vanuit de darmen de bloedbaan bereiken en hoe ze genezend kunnen werken. Zulke kennis maakt het ons mogelijk een voor iedere persoon specifieke behandeling voor te schrijven, terwijl dezelfde tijd de gezondheid van die persoon wordt bevorderd door de gecombineerde werking van de andere natuurlijke kruidenbestanddelen.
Behandelde ziekten
Er komen zoveel bestanddelen in planten voor en het aantal botanische species is zo groot dat het nauwelijks kan verbazen dat er melding is over kruidenbehandeling voor praktisch elke bij de mens bekende ziekte. Veel van deze vermeldingen zijn gebaseerd op klinische waarneming of op de farmacologie van de verscheidene bestanddelen, soms van het gehele plantenpreparaat.

Deze ziekten omvatten die van het spijsverteringskanaal, de lever en alvleesklier, de longen, hart en bloedvaten, het hormonale stelsel, het zenuwstelsel, voortplantingssysteem, urinewegen, immuunziekten, huidaandoeningen,... Men kan zich nauwelijks een completer systeem van medische indicaties voorstellen.

De grondslag van behandelen wordt fysiomedicalisme genoemd. Hierbij gaat men van het principe uit dat de zieke lijdt aan een verstoring van het evenwicht dat we gezondheid noemen.

De functie van therapeut of arts is om de natuurlijke genezingsprocessen te helpen met niet toxische (niet giftige) kruiden en het voorschrijven van een gezondheidsbewarend dieet.